Coira trekt de winkeldeur achter zicht dicht. De regen is verdwenen en ze knijpt haar ogen samen tegen het felle licht dat het grijze wolkendek uiteen probeert te duwen. Haar gedachten dwalen naar het merkwaardige gesprek net met Jane in de post-shop. Zouden de anderen dan toch gelijk hebben? Nee. Ze weet wat ze eerder heeft gezien, er is iets tussen hun Laird en de winkelhoudster. Alleen is het stralende dat Jane tijdens de feestdagen had verdwenen. Zouden ze ruzie hebben gehad? Of zouden de bedoelingen van Dough niet serieus zijn geweest?
Haar gedachten dwalen naar die zomer langgeleden. Na lang zeuren had ze van haar moeder een bikini mogen kopen. Een zwarte tanga, met strikjes op de heupen en twee driehoekjes die net haar borsten bedekte. Van haar vader mocht ze er niet mee naar buiten. Natuurlijk had hij niet door wat ze onder haar jurk droeg wanneer ze met de andere jongeren naar de Kreeftenbaai ging om te zwemmen.

De lucht was al weken achtereen blauw, er was zelfs geen klein wattendonsje te bekennen. Uitzonderlijk, net als de temperatuur die al wekenlang overdag boven de twintig graden uitkwam.
Ze zat op een handdoek, haar tenen gekruld in het warme zand. De lucht was zwaar van de hormonen en de geur van zonnebrand mengde zich met de frisse zeelucht.
Samen met de andere meisjes keek ze toe hoe de jongens van de rotsen in de zee sprongen. De meiden leunden op hun ellebogen in het zand, trokken hun schouders naar achter en lachten naar de jongens die hen probeerden nat te spetten. De ietwat samengeknepen ogen van Brodie met zijn zwarte krullen en brede schouders veroorzaakten kriebels in Coira’s onderbuik.
Ze moest plassen en trok plastic sandaaltjes aan om haar voeten te beschermen tegen de ruwe steen van de rotsen. Ze klauterde omhoog en zocht een beschut plekje tussen de struiken.
Nadat ze klaar was, draaide ze zich om voor de tocht terug en keek recht in het gezicht van Doughie, zoals ze in hun jeugd de toekomstige Laird noemden. Hoe lang stond hij daar al? Ze hoopte dat de roze gloed van de zon op haar huid de kleur van haar gêne maskeerde.
‘Verderop zitten papegaaiduikers. Wil je ze zien?’ vroeg hij.
Ze knikte, de charmante vogels met hun feloranje snavels kwamen hier zelden en zij had ze nog nooit van dichtbij gezien.
Even verderop verscholen ze zich achter een rotsblok. Iets kriebelde op haar rug. Ze keek om en zijn gezicht kwam dichterbij. Warm en vochtig raakte zijn mond de hare, zijn tong gleed tussen haar tanden. Ze was nog nooit eerder gekust en geschrokken duwde ze hem weg.
‘Ik zou willen dat … Sorry.’
Haastig krabbelde ze omhoog en hij volgde haar terug naar het strand.
De eerste die zij zag was Brodie. Zijn ogen stonden donker en ze sloeg de hare ogen neer, in de hoop dat hij haar verwarring niet zou zien.

De dag erna brak onweer los. De warme zomer loste op of het slechts een illusie was geweest, opgewekt door de gretige wellust van de jeugd. Net als de papegaaiduikers die zich verder aan niemand lieten zien. Al snel vertrok Doughie om te gaan studeren en Coira bleef op het eiland, net als alle andere eilandjeugd die inmiddels het middelbareschooldiploma had gehaald.

Die winter fantaseerde zij over een leven als de vrouw van de Laird en droomde ze over Brodie. Het spannen van zijn spieren voor hij het water indook, de donkere haartjes die vanuit zijn zwembroek in een V naar zijn borst kropen en de donkere blik waarmee hij vlinders in haar buik liet dansen.
Via de mobiele eilandbibliotheek leende ze Anna Karenina, Madame Bovary en Lady Chatterley’s lover. Terwijl zij zich probeerde voor te stellen hoe het zou zijn om getrouwd te zijn met de ene man en een andere lief te hebben, haalden haar ouders opgelucht adem omdat hun enige dochter tot rust leek te komen.
De zomervakantie naderde en ze wist niet of ze nu opgelucht of teleurgesteld moest zijn dat Doughie niet thuiskwam.
In het hart van de zomer gaf ze zich tussen de struiken boven Kreeftenbaai aan Brodie. De tintelingen die zijn kussen en aanrakingen door haar heen lieten jagen, verjoeg de beelden van de vorige zomer.
Ze trouwden op 21 december omdat Coira had gelezen dat de Fransen niet spraken over de kortste dag maar over de langste nacht. In de zomer die volgde kregen ze Maisie.
Maisie. Met een zucht rolt ze vanuit het verleden terug in haar zorgen van nu. Had haar dochter niet meer haar best kunnen doen om haar man te houden in plaats van te verliezen aan een andere vrouw?

‘Goedemorgen, Coira.’ Dough steekt zijn hand naar haar op en met grote stappen loopt hij weg van de in aanbouw zijnde knitwearshop naast de winkel naar de weg richting zijn huis.
Waarom gaat hij niet naar Jane om te lunchen? Ze was er zo van overtuigd dat er binnen afzienbare tijd de een nieuwe winkelhouders gezocht moest worden. Ze zag het als een antwoord op de vraag ‘hoe moet het nu met Maisie?’.

In een opwelling zet ze haar boodschappentas op een droge plek in de toekomstige winkel, als Brodie zo thuis komt voor zijn middagmaal kan Maisie wel wat voor hem maken. Doet zij ook nog eens wat nuttigs.

Ze volgt Dough op zijn weg naar huis en net wanneer ze overweegt om hem te roepen, schiet haar kleindochter Isla hand in hand met Colin het smalle pad achter het hotel op. Haar loshangende lokken golfen als de goudglanzende vleugels van een engel achter haar aan. De vrees van de herhalende geschiedenis klemt zich koud in Coira vast wanneer ze denkt aan de zomer dat Maisies seksualiteit tot bloei kwam. Het was of de knop van een wilde bloem opensprong en iedere jonge man verlokte zich te begraven in de zoete geur van haar blaadjes. De slapeloze nachten en de ruzies die ze met Brodie over zijn oogappel had, ze dacht daar met Isla van gespaard te blijven. Tenslotte heeft het meisje een veel zachter karakter dan haar moeder en doordat ze verstandelijk wat achterbleef had Coira de illusie dat zij altijd kind zou blijven. Stom natuurlijk en ze neemt zich voor om bij de eerste gelegenheid met haar kleindochter te praten over verliefdheid en de risico’s die dat voor een meisje met zich meebrengt. En dan maar hopen dat dat meer effect dan bij haar dochter. De herfst waarin zij zwanger bleek van Thom, haar vakantievriendje, staat nog steeds scherp in haar geheugen gegrift. Coira schudt haar hoofd, niet aan denken: haar dochters verleden kan ze niet meer veranderen, haar toekomst hopelijk wel. Zou het geen zegen zijn als ze zo Dough en Jane weer tot elkaar kon brengen zodat Maisie de post-shop kan gaan runnen?

Door haar getreuzel is Dough een kleine stip in de verte geworden en ze versnelt haar pas. Op het hoogste punt van de weg wil ze afslaan naar Dough’s huis en ziet nog net op tijd dat hij de weg afloopt richting de Kreeftenbaai.
Eenmaal daar, neemt hij het smalle pad naar het kleine stand aan het eind. Zodra zijn voeten het zand raken, gaat hij zitten op een rots aan de rand. Vlakbij de plek waar zij die hete zomer in het zand lag.
Het ongemak van die zomerdag langgeleden welt onverwacht in haar op, weifelend blijft ze aan het begin van de baai staan. Opeens lijkt haar plan een erg slecht idee.

Wil je geen zondagverhaal missen? Geef dan je emailadres door via het formulier op mijn homepage en ontvang iedere zondagochtend de link naar het nieuwste verhaal.

Fijn als je wilt liken en/of delen.

7 reacties

  1. Ben op 7 februari 2021 om 08:41

    Terwijl we hier insneeuwen schets jij een zinderende zomer vol hormonen, zo anders dan als ik uit mijn raam kijk, zo heerlijk weer om meegevoerd naar het eiland dat mij inmiddels zeer dierbaar is geworden….. De spanning loopt op, steeds meer draadje worden geweven…..

    • Marceline de Waard op 7 februari 2021 om 19:27

      Het contrast mag er deze week inderdaad zijn. Wat een groot compliment dat het eiland jou zo dierbaar is geworden 🙂 🙂

  2. Marco Traas op 7 februari 2021 om 20:42

    Het leest prettig. Mooi Romantisch verhaal. Sterk eind. Hoe ze verandert van bezorgde Oma in verliefd meisje

    • Marceline de Waard op 7 februari 2021 om 21:10

      Dankjewel, Marco! Dat is heel fijn om te lezen.

  3. Bep op 9 februari 2021 om 01:24

    Terwijl het hier sneeuwt en vriest, is het op het eiland heerlijk warm, kon ik maar ruilen! Ik heb weer genoten tijdens het lezen, wat is de liefde toch en mooi om aan terug te denken, zelfs al je al ouder bent, is het genieten van je eigen jeugd

    • Marceline de Waard op 9 februari 2021 om 22:05

      Fijn is dat, hè, Bep. Ook lekker om nu te lezen over warme oorden, hoewel het vandaag in de zon ook best lekker was.

      • Louise Jonkman op 12 februari 2021 om 12:39

        Zo’n drukke week eindelijk tijd om te lezen …
        De romantiek zindert in de lucht.
        Het kan alle kanten op.
        Kijk alweer uit naar het vervolg.
        Eerst winterpret genieten in het bos met kleinzoon Engel.
        Fijn weekend Marceline ❄️❄️❄️

Laat een reactie achter