OVER VERHALEN GESPROKEN

Die ken ik al, die ook en die ook. Het is misschien wel bijna vijftig jaar geleden, toch zie ik de dorpsbibliotheek nog voor mij. De lage kasten, de oranje-grijze vierkante poefs in het midden en ik op mijn knieën voor de kasten vol met kinderboeken die ik allemaal al had gelezen. In mijn herinnering haalde ik boek na boek uit de kasten in de hoop dat er één tevoorschijn kwam die nieuw voor mij was. Totdat opeens mijn vader achter mij stond. Boos, ik had allang thuis moeten zijn voor het eten.

Gelukkig werd ik ouder en kwamen er steeds meer boeken die geschikt voor mij waren en ik denk dat er geen genre is dat ik niet heb gelezen. Verdwijnen in een verhaal, ik vermoed dat veel lezers het met mij eens zijn dat er geen heerlijker manier is om aan de werkelijkheid te ontsnappen.
Des te verwonderlijker dat ik opeens boeken niet meer uitlas, de verhalen konden mijn aandacht niet meer vasthouden. Waarom? Had ik het te druk? Veranderde mijn interesses? Achteraf kan ik zeggen dat ik mijn energie in de verkeerde dingen stopte. In plaats dat ik mij bezighield met de zaken die naast mijn hart lagen, was ik bezig te doen wat verstandig leek voor mijn carrière.

Totdat ik rond mijn vijftigste het roer omgooide en opnieuw het plezier van een mooi verhaal ontdekte. Nu niet als lezer, maar als schrijver. Wegdromen naar plekken waar ik eerder was, personages bedenken die bij die omgeving passen of juist niet. En natuurlijk conflicten, misverstanden en alles wat een verhaal leuk maakt erbij verzinnen. Iedere week geniet ik weer van de werelden die ik na het werk bedenk. Meestal deel ik als zondagverhaal en soms is het onderdeel van de roman die ik ook nog schrijf.

Deze zomer kwam dit proces tot stilstand. Ik werd geopereerd en mocht zes weken ‘niks’. Veroordeeld tot mijn bed en de bank, haalde ik mijn eerdere liefde tevoorschijn: lezen!
De beperkingen van de coronamaatregelen gingen aan mij voorbij, ik had een heerlijke zomer tussen de boeken.
Zo liet ik mij meevoeren langs Het Zoutpad met de poëtische zinnen van Raynor Winn en genoot ik van het fascinerende taalgebruik van Ilja Leonard Pfeiffer in Grand Hotel Europa. Ik probeerde te doorgronden waarom De Zeven Zussen een bestseller zijn en raakte onder de indruk van het taalgebruik van Nino Haratichswili: zij bezit voor mij de gave om gruwelijke gebeurtenissen draaglijk en zelfs mooi neer te zetten.

Nadat de zomer voorbij was, had ik niet alleen mijn liefde voor het lezen terug maar was ook mijn inspiratie als schrijver vergroot. Ik voelde meer durf om te verzinnen en te creëren en bovenal om meer te experimenteren met taal. Dit najaar leefde ik mij met groot plezier uit in het vinden van metaforen, misschien dat het vaste lezers is opgevallen?

Nog belangrijker was dat ik dit najaar opnieuw aan de werkelijkheid kon ontsnappen met een boek. Mijn levensbootje kwam in een zware storm terecht, mijn kleine broertje werd ernstig ziek en overleed na een paar maanden. Niets werkte beter om voor het slapen gaan al het verdrietigs opzij te zitten met een onderhoudend verhaal. Het hield mij, samen met het schrijven, op de been.
Nu, op de vooravond van een nieuw jaar, durf ik te zeggen dat ik een nieuw evenwicht heb gevonden met een belangrijke plek voor verhalen. Ontsnappen met werelden die ik zelf verzin of die anderen voor mij hebben gemaakt.
Verhalen troosten, helen en maken blij!

Nieuwsgierig naar de wekelijkse zondagverhalen? Op mijn homepage kun je je hiervoor inschrijven.

Fijn als je wilt liken en/of delen.

2 reacties

  1. Thole op 13 januari 2021 om 11:11

    Mooi, soms ontroerend, geschreven inkijk.

    • Marceline de Waard op 14 januari 2021 om 09:24

      Dank je, Thole!

Laat een reactie achter