DE KLOMP

‘Het is nog mooier dan op de foto’s.’ Rita geniet. Sergio rijdt en ze heeft alle tijd om de heuvels en dalen langs de kronkelende wegen in zich op te nemen. ‘Moet je dat dorpje zien. Steil tegen de heuvels opgebouwd. Hoe zullen ze dat gedaan hebben? Kijk dan.’
‘Dat kan niet, ik rijd.’ Haar man neemt gas terug en stuurt de huurauto scherp een haarspeldbocht in. De motor giert en vindt hij de juiste versnelling.
Ze grijpt zich vast en ademt pas uit op het moment dat de auto rustig aan de tocht naar het dal begint.
Ze pakt de beschrijving van het reisbureau. ‘We zijn er bijna. Bij de volgende kruising links en dan gelijk weer links.’
Sergio volgt haar aanwijzingen op.
‘Hier rechts en dan nog twee kilometer tot aan de Fattoria.’
De auto hotst en botst over de onverharde weg. Opnieuw grijpt ze zich vast aan haar stoel.
Ze hebben toch wel de goede afslag genomen? Dan doemt een oude boerderij voor haar op. De gelige steentjes, de oranjerode aarde en de heuvels in de verte, ze herkent hem van de website.

‘Smaakt het allemaal?’ Fabienne, de Nederlandse eigenaresse van de Fattoria schenkt de wijnglazen van Rita en Sergio bij.
‘Die paddenstoelensaus is heerlijk.’
Ze zegt er niet bij dat ze de spaghetti eigenlijk te hard vindt. Misschien dat het zo moet van de Italianen, zij heeft haar spaghetti liever wat langer gekookt.
‘Zijn jullie vaker in Toscane geweest?’
‘Nee.’
‘Het is zelfs de eerste keer dat we gevlogen hebben en zover buiten Nederland zijn,’ vult Rita aan, ‘we gingen altijd naar Zeeland. Daar hebben we een stacaravan. Nu de kinderen het huis uit zijn, hebben we ruimte voor deze vakantie.’
‘Echt waar?’ Fabienne kijkt naar Sergio’s donkere krullen. ‘Met jouw naam en postuur dacht ik dat je ouders je vaak naar Italië mee zouden hebben genomen.’
‘Mijn vader was inderdaad een Italiaan.’
‘Sergio’s vader kwam uit Toscane. Hij is hier weggevlucht toen hij zestien was en wilde nooit meer terug. Hij werkte in de tegelfabriek in Maastricht en toen wij verkering kregen was hij meer Limburger dan Italiaan.’
‘Het leven hier was ook zwaar. Bittere armoe. Grote boerenfamilies die amper van de opbrengst van het land konden leven. En van het beetje dat ze bij elkaar scharrelden, moesten ze meer dan de helft afstaan aan de landeigenaren in de stad. Veel Italianen trokken daarom weg voor werk.’
‘Voor mijn schoonvader was er een andere reden. Hij is gevlucht voor iets waar hij nooit over wilde praten. Zelfs het noemen van Italië was taboe. Dan werd hij rood en sloeg hij op tafel. Er moet iets vreselijks gebeurd zijn, we hebben alleen geen idee wat. Het enige dat we weten, is dat hij tijdens zijn vlucht zijn …’
‘Rita, alsjeblieft.’ Sergio onderbreekt het geratel. ‘Dat interesseert toch geen mens.’
‘Houden jullie van biefstuk?’ Behendig verlegt Fabienne de aandacht naar een veiliger onderwerp.
Rita kijkt haar dankbaar aan. ‘Oh, ja. Het is zelfs Sergio zijn lievelingsvlees.’
‘Dat treft. Antonio heeft een prachtige Filetto di Manzo op de gril liggen.’

‘Gelukkig ontbijten we thuis niet zo. Ik zou dichtgroeien.’ Rita likt de taartkruimels van haar vingers. Ze is een echte zoetekauw en het verse fruit, de zoete broodjes en de notentaart zijn goed aan haar besteed.
‘Wij Italianen houden wel van een beetje houvast. Weet je zeker dat je vandaag naar dat bergdorpje wil?’ Sergio geeft zijn vrouw een knipoog.
Ze hebben heerlijk geslapen in de donkerte en stilte van het platteland en nu hij uitgerust is, is zijn goede humeur weer terug.
‘Bongiorno. Hebben jullie lekker geslapen en ontbeten? Misschien nog wat koffie?’ Fabienne komt naast hun tafeltje op het terras staan.
‘Nee, dank je. We gaan zo weg. Wat ik je nog wel wilde vragen.’ Sergio wijst naar een eenzame boom die naast het terras staat. ‘Er zijn hier verder geen bomen te zien. Is hij speciaal geplant?’
‘Dat is een bijzonder verhaal. Treurig ook. Willen jullie het echt weten?’
‘Nu heb je ons wel nieuwsgierig gemaakt. Vertel.’
‘Wat ik gisteren al zei: het leven was hier zwaar en het land bracht weinig op. De bodem is rotsig, er groeit weinig.
In de jaren veertig gooiden de landeigenaren extra aarde op de rotsen en de arme families werkten zich het schompes om de grond te bewerken. Zomers was het verzengend heet, nergens schaduw.’ Fabienne maakt een weids gebaar met haar arm om haar woorden te onderstrepen. ‘Het verhaal gaat dat de moeder van de familie die hier woonde een zwakke gezondheid had, de hete zomers werden haar bijna fataal. De jongste zoon, kleine Nino, dacht dat schaduw zijn madre goed zou doen en op een nacht haalde hij een olijfboompje uit de gaard van de landeigenaar.
Moet je nagaan zo’n jongen, uren aan het lopen om een boompje te halen voor zijn moeder. Dat mocht natuurlijk niet, het was stelen en de landeigenaar pikte het niet. Hij ontdekte het boompje hier op het erf. Een hele toestand moet dat zijn geweest.
Uiteindelijk werd de kleine Nino verjaagd. Letterlijk. De landeigenaar heeft hem met stokken het erf afgeslagen. Zien jullie die klomp daar? Het regende die nacht en de kleiige grond zuigt zich dan aan je voeten vast. De jongen verloor zijn klomp. Zijn broers vonden hem later, van hun broertje hebben ze nooit meer iets gehoord.’
‘Sergio’s vader heette Nino.’ Rita’s stem is zacht. ‘Het enige wat wij weten van zijn vlucht uit Toscane, is dat hij onderweg zijn klomp verloor.’

—-
Dit is voorlopig de laatste zondagklassieker van mijn hand: volgende week zondag publiceer ik op deze plek de eerste winnaar van mijn schrijfwedstrijd ‘Die ene zomer’. Wil je deze zomer toch iets van mij blijven lezen? Daarvoor heb ik een mooie
ZOMERAANBIEDING: speciaal deze zomer betaal ik de verzendkosten voor Nederland en België als je via zondagverhaal@gmail.com een of meer van mijn boeken besteld. Een persoonlijk gesigneerde Nevels ploft dan voor maar € 22,50 op je deurmat. Mijn eerdere titels (zie het overzicht hier) bied ik je aan voor slechts € 12,50 per stuk, inclusief verzendkosten én ook gesigneerd.
Benieuwd wat andere van ‘Nevels’ en mijn andere boeken vinden? Neem daarvoor een kijkje op mijn recensiepagina

Fijn als je wilt liken en/of delen.

2 reacties

  1. Ben op 26 mei 2024 om 15:51

    Prachtige klassieker! Echt sterk!

    • Marceline de Waard op 26 mei 2024 om 21:23

      Dankjewel, Ben! Wat een heerlijk compliment 🙂

Laat een reactie achter