DE CAMPINGGASTEN EN DE POPSTER

De grijze, mistige ochtenden van de afgelopen dagen zijn voor mij aanleiding om te grijpen naar ‘Nevels’. Bij het schrijven van deze roman hoorde ook een winactie waarmee een plekje te verdienen was in deze roman. Buurvrouw Neeltje Hafkamp en boer Ben Bijker zette ik in oktober in de spotlights. Er zijn nog meer bijzondere personages. Vandaag zijn Henk en Anja als eerste aan het woord, daarna is het podium voor een heuse popster: Rocco Wildebeest.

HENK EN ANJA
Henk en Anja zijn verhaalfiguren van Nel Goudriaan. Hun avonturen zijn te lezen in de gelijknamige bundel Henk & Anja. In Nevels kamperen ze op de boerencamping in het dorp. Hieronder deel ik twee fragmenten rond deze personages.

Campinggasten
Een man en vrouw in identieke rode joggingpakken komen de camping af. Beiden dragen blauwe sportschoenen met gele strepen. De gedachte dat Frank en ik er zo bij zouden lopen, kriebelt in mijn keel. Hysterisch biedt het tegenwicht aan het zware gevoel van net. Ik hou mijn hand voor mijn mond alsof ik moet hoesten.
Ze kijken me aan of ik niet helemaal wijs ben.
‘Zoekt u iets? De receptie is daar.’ De man wijst naar de boerderij. Zijn wantrouwende houding helpt mezelf bij elkaar te schrapen.
‘Een vriend van mij kampeert hier. Ik wilde bij hem langs,’ verzin ik snel.
‘En uw vriend is?’
Jeroen Bosseman, weet u waar hij staat?’
‘Hij is een paar dagen weg. U bent?’
‘Een oude bekende. Ik kom later wel terug.’

Joggingpakken
Achter mijn ouderlijk huis nemen we het pad tussen het bos en de heidevelden.
‘Henk en Anja vertelden dat er maandag een blonde vrouw naar me vroeg. Hun omschrijving deed me aan jou denken. Volgens Henk was je nogal over je toeren.’
‘Wie?’ Om aan zijn onuitgesproken vraag te ontsnappen, doe ik of ik niet doorheb dat hij het heeft over het stel in de identieke joggingpakken.
‘Probeer je mij wijs te maken dat ze je niet opvielen? Dat kan niet. In hun gelijkvormige outfits zijn ze de vleesgeworden seniorenreclame voor vrijetijdskleding.’ Zijn mond lacht, zijn ogen staan bezorgd.
‘Je bedoelt de rode joggingpakken?’ Ik doe of ik het nu pas doorheb.
‘Ja, die.’
Niet wetend wat te zeggen, focus ik op de bebladerde bosgrond.
‘Ik had wel eerder langs willen komen.’

ROCCO WILDEBEEST
Paars, oranje, turquoise. Het dorp liep uit voor de met felgekleurde bloemen beschilderde volkswagenbusjes op de brink. Of er marsmannetjes waren geland, zo trilde de lucht van gespannen afwachting. Een drumstel werd uitgeladen en een man met lang haar en een woeste baard speelde gitaar. Naast hem een vrouw met een tamboerijn boven haar hoofd, zingend en dansend met belletjes rond haar enkels en duizenden vlechtjes in lang blond haar. Het was of een fee uit mama’s nevelverhalen tot leven was gekomen.
Ze hingen gekleurde lampjes tussen de bomen en maakten elke avond muziek waarbij iedereen danste. Tenminste, zo houdt mijn geheugen het me voor. Want ik herinner me ook dat de volkswagenbusjes tussen de bomen naast de schuur bij het Scheerven stonden en mensen dansten op het dreunende ritme van drums en bas. De woeste baardman tokkelde op een gitaar en de tamboerijnvrouw zong. Mama danste met haar bontgekleurde rokken wervelend rond haar benen, haar ogen glanzend van gelukzalig genot. Betoverend en beangstigend tegelijk, met haar verwijdde pupillen was ze er gelijktijdig wel en niet. Tevergeefs probeerde ik haar hand te pakken.

De woeste baardman in bovenstaand fragment is Rocco Wildebeest. Dit was ooit het alterego van Frans van der Eem, schrijver van korte verhalen en verhaalredacteur. In mijn aankomende roman ‘Nevels’, is Rocco de leider van de hippieband die in de jaren zeventig in het geboortedorp van mijn hoofdpersoon Fay neerstreek. Haar jeugdvriend Jeroen zocht hem op:

‘Een tijdje terug heb ik Rocco Wildebeest opgezocht.’
‘Wie? Zo heet toch niemand,’ flap ik eruit.
‘Hij was de leider van de hippieband met die zangeres. Weet je nog?’
Het is of de hoge luchtvochtigheid ook mijn brein in nevelen hult, of zou het de wijn zijn? Ik rimpel mijn voorhoofd voor hulp. ‘Ja,’ pers ik uit mijn geheugen. ‘Je vader sloot zich aan bij de band toen ze vertrokken. Vanwege haar. Maar heette die bandleider echt Rocco Wildebeest?’
‘Natuurlijk niet. Hij heet eigenlijk Frans van der Eem, vertelde hij me, maar dat bekte in die tijd niet. Later had hij zelfs nog een hit met “Red Curls in the Sunset”. Dat herinner je toch nog wel? Toppop en zo. Volgens de meisjes in mijn omgeving was Rocco een woest aantrekkelijke man. Er kleefden twee schaars geklede roodharigen tegen hem aan, weet ik nog.’
Ik knik maar wat, hij is vast vergeten dat we geen tv hadden en later kon popmuziek mij niet boeien.
‘Maar goed,’ gaat Jeroen verder. ‘Dat was jaren later. In de tijd hier was hij nog met die band en noemden ze zich “The Wildebeast Travellers”. Ik zocht hem dus op in de hoop via hem te achterhalen waar de zangeres en mijn vader waren gebleven. Het was niet moeilijk om hem te vinden. Hij treedt nog steeds op in achterafzaaltjes, voor anderhalve paardenkop. Heel pathetisch. Ik ben een keer gaan kijken en ik heb hem op een paar biertjes getrakteerd. Zijn geheugen was niet veel meer, maar hij herinnerde zich die tijd hier nog wel.’

***
Uit: ‘Nevels’. Verder lezen? ‘Nevels’ is nog steeds als paperback en e-book te koop bij iedere (online) boekwinkel, te leen in de bibliotheek en te lezen met Kobo-plus. Nieuwsgierig naar mijn andere boeken? Een overzicht van al mijn boeken vind je op mijn boekenpagina.
SCHRIJFUPDATES: Wil je weten waarover mijn volgende roman gaat? In mijn maandelijkse nieuwsbrief vertel ik hier meer over. Je kan je inschrijven met het formulier op mijn homepage.

Fijn als je wilt liken en/of delen.

2 reacties

  1. ben op 7 december 2025 om 10:16

    Ja, dat was een goeie, als personage een plaats krijgen in jouw roman. Ik vind het nog steeds top dat ik erin voorkom!

    • Marceline de Waard op 7 december 2025 om 21:25

      En boer Bijker is natuurlijk ook een heel leuk personage, Ben!

Laat een reactie achter