Sinds het voorjaar van 2017 publiceer ik iedere zondag een nieuw verhaal. Het is een mooi podium voor mijn schrijverschap geworden. Deze zomer deel ik dit met collega-schrijvers. Enthousiast stuurden zij in voor mijn wedstrijd ‘het gebeurde op een zondag.’ Dertien weken lang lezen jullie hier in willekeurige volgorde de verhalen die ik het mooist/best/aansprekends vond.  Deze zondag een verhaal van Cecile Koops. Met mooie beelden schetst ze een idyllische zondag, voor haar hoofdpersoon verloopt deze dag niet zo lieflijk.

BRAM – Cecile Koops

Het is zondag. Vanmiddag gaat Brams moeder schilderen aan een doek in opdracht en dan bonjourt ze hem na de lunch het huis uit. Poe, hij weet best dat veel mannen een naaktportret wensen. Meer dan eens loerde hij stiekem door het sleutelgat naar hun vlezige buiken tussen de gedrapeerde doeken op hun sofa. Hij zou zo’n buik niet willen vereeuwigen. Vandaag heeft de portetman zijn vrouw meegenomen. Zo’n echte kakmadam met rinkelende kettingen. Nieuwsgierig komt ze de vorderingen bekijken. Onverbiddelijk wijst moeder ook haar de deur, zonder dat ze een blik op het doek mag werpen. Goddank wandelt ze niet zijn richting uit. Bram verwijdert elke gedachte aan de vrouw uit zijn hoofd.

Op weg naar zijn lievelingsplek glijdt zijn hand naar de schelp in zijn zak. Het enige cadeau dat hij van zijn vader kreeg voordat de overspelige, zoals moeder hem noemt, voorgoed vertrok. Als klein kind hield hij de schelp aan zijn oor en hoorde de stem van zijn vader boven het geruis uit fluisteren. Zelfs nu hij allang weet dat dit onmogelijk is, blijft het geluid van de schelp hem fascineren.
De lucht trilt van de hitte, een lome bij zoemt langs. Hij ploft neer in zijn favoriete kuil, naast de berkenbomen op de hei, en opent zijn boek. Het tapijt van paarse planten vormt een verend dekentje waarnaast het felle wit van de boomstammen zich scherp tegen de blauwe lucht aftekent.
Binnen de kortste keren gaat hij helemaal op in het verhaal. Na een uur lezen, grijpt hij zijn rugzak en giet een slok water in zijn droge keel. Met een vlijmscherp zakmes snijdt hij de meegebrachte appel in partjes.
‘Ah, gezellig aan het picknicken?’ Een hoofd met blonde krullen verschijnt boven zijn kuil.
Het is de kakmadam. Hij knikt en kijkt of hij aan haar kan ontsnappen. De enige uitweg wordt door haar geblokkeerd. Tot zijn ontzetting stapt ze zelfs de kuil in.
‘We moeten allebei wachten tot je moeder klaar is. Misschien is dat gezelliger samen?’
‘Ik lees een boek.’ Hij zegt het bot en hoopt dat de boodschap duidelijk is.
‘Kun je iets voorlezen?’
‘Nee, daar heb ik geen zin in.’
‘Heb je hier wel zin in?’ De vrouw buigt zich over hem heen en aait zijn haar. ‘Mooi die helblonde haren. Echt Hollands.’
Het zweet breekt hem uit, het zand in de kuil schuurt langs zijn blote benen onder de korte broek.
‘Ben je zo verlegen?’ Opeens buigt de vrouw zich voorover en zoent hem vederlicht op zijn mond.
Hij probeert vergeefs zijn hoofd weg te draaien. Haar handen glijden lager en lager tot ze op zijn kruis belanden. Kreunend van ellende wil hij ze wegduwen.
‘Windt het je op?’ Ze gromt.
Hij wil zich losrukken maar ze houdt hem stevig beet.
‘Geef je maar over.’
Zijn tastende vingers beroeren het zakmes dat naast de appel ligt. Spieren spannen aan en zijn vuist klemt zich om het heft heen. Zonder nadenken haalt hij uit. Het lemmet landt in haar lubberende nek.
Haar greep verslapt en hij maakt zich los. Met paniek in haar ogen staart ze hem aan. Bloed sijpelt langs haar parels omlaag. Rochelend grijpt ze naar haar keel en trekt, voor ze valt, met haar laatste kracht het mes uit haar hals.
Bram wurmt het uit haar hand en pakt zijn spullen, inclusief de appelpartjes. Behoedzaam trekt hij heidestruiken over haar lijf. Wortels snijden in zijn handen. Vol ontzetting rent hij over het hobbelige pad naar huis. Nog één keer kijkt hij over zijn schouders. De hei baadt in het volle zonlicht alsof er niets sinisters is gebeurd.
Aan het kraantje achterin de tuin wast hij zich schoon, voor hij over de versleten loper de trap op schuifelt. Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid weet hij dat de gebeurtenissen van vandaag zijn nachtmerries voor komende jaren zullen vormen.

Wanneer hij bekaf van de zenuwen in schone kleren beneden komt, staat de forse man gereed om te vertrekken.
Hij tuurt op zijn horloge. ‘Waar blijft ze? Ik zei toch twee uur max?’ De man kijkt hem aan. ‘Heb jij haar ergens gezien?’
Vliegensvlug denkt hij na. ‘Nee, ik heb een boek gelezen en niet om me heen gekeken.’ Hij voelt een ader in zijn nek kloppen. Als een schuw dier kijkt hij naar de vloer, doordrongen van zijn lot. Zou de man twijfelen aan zijn woorden? Hoort hij iets aan zijn toon?
Een paar seconden valt een omineuze stilte.
‘Misschien is ze alvast naar huis gewandeld. Ik ga daar maar eens kijken.’
Het bonkige geluid van zijn auto verdwijnt in de verte. Bram slikt een brok weg.
‘Kom, ik ga eten maken. Wil je helpen?’ Zijn moeder streelt hem liefdevol over zijn haren.
Opgekropte tranen vinden een uitweg. Hartverscheurend begint hij te snikken.

OVER CECILE
Cecile Koops woont in het Gooi. Haar eerste roman ‘Het huis in Trastevere’ verschijnt dit jaar bij uitgeverij Ambilicious. Momenteel schrijft ze aan haar tweede roman.
De eerste schrede op haar schrijverspad begon met het schrijven van korte fictie verhalen, in 2019 kreeg zij ook de smaak van poëzie te pakken. Met veel succes doet ze mee aan schrijfwedstrijden. Wie nieuwsgierig is naar meer en naar verhalen van haar hand kan een kijkje nemen op haar website: https://www.cecilekoops.com

Wil je geen zondagverhaal missen? Geef dan je emailadres door via het formulier op mijn homepage en  ontvang iedere zondagochtend de link naar het nieuwste verhaal.

6 reacties

  1. Ben op 2 augustus 2020 om 09:56

    Ach, Bram….. Wat een verhaal! Ik denk nu de hele dag hoe het verder met hem zal gaan. Misschien toch een boek waard….

    • Cecile Koops op 2 augustus 2020 om 09:59

      Dank Ben, voor je fijne commentaar. Ik ben nog met andere boeken aan de slag. https://www.marcelinedewaard.nl/cecile-koops/

    • Bep op 4 augustus 2020 om 01:32

      Ik hoop maar dat Bram niet teveel nachtmerries overhoudt aan dit drama, want dat is het toch……Die “dame” had hem met rust moeten laten.
      Wat een goed geschreven verhaal, ik had graag nog verder gelezen………

  2. Koosje de Leeuw op 2 augustus 2020 om 11:02

    Het lemmet landt in haar lubberende nek….het blijft in mijn hoofd hangen. Wat een mooi verhaal!

  3. Marceline de Waard op 2 augustus 2020 om 21:33

    Fijn dat dit verhaal ook bij jullie in de smaak viel, Koosje en Ben.

  4. Bep op 4 augustus 2020 om 01:32

    Ik hoop maar dat Bram niet teveel nachtmerries overhoudt aan dit drama, want dat is het toch……Die “dame” had hem met rust moeten laten.
    Wat een goed geschreven verhaal, ik had graag nog verder gelezen………

Laat een reactie achter