Skip to content

Mijn boeken

Schandalig en andere zondagverhalen

Cat, geloof mij nu maar, een weekje zon, strand en zee zal je goed doen.’ ‘Ik wil geen zon, strand en zee. Ik wil net als jij een man met wie ik grijs en gerimpeld kan worden.’ Mijn ellebogen leunen op tafel en ik leg mijn kin in mijn handen. ‘Hoe lukt het jou toch om meer dan twintig jaar getrouwd te blijven terwijl niet één man het langer dan vijf jaar bij mij uithoudt?’

Een bundel met korte verhalen die gelijk een beeld voor ogen roepen in een bestek van soms een paar woorden. Aardig, amusant, zacht humoristisch, zacht brutaal: perfect voor een luie zondag of voor hen die weinig tijd hebben en af en toe vermaakt willen worden met een sfeervolle vertelling.

Marceline de Waard

De Thuisreis – Terug naar Ierland

Haar grootmoeder vertrok eind jaren dertig van de vorige eeuw uit Ierland en niemand sprak er nog over. Eileen is begin vijftig als ze besluit naar Ierland af te reizen om uit te zoeken wat er toen is gebeurd. Haar reis door Engeland en Ierland naar de westkust van het groene eiland wordt een ontdekkingsreis naar zichzelf, naar haar grootmoeder en naar de man met donkere krullen die steeds nadrukkelijker verschijnt in haar dromen. Als ze uiteindelijk in de Connemara, de geboortestreek van haar grootmoeder aankomt, ontdekt ze dat de waarheid de stoutste dromen kan overtreffen.

Mijn verhalen in bundels

DE WAARHEID KEN JE NOOIT

‘Als jij vindt dat je Hans zijn dochters moet zoeken, doe je dat toch.’ Lucas pakt de pepermolen en draait er kwistig oplos boven de pan. Hij roert en de zoetkruidige geur van verse tomatensaus vult de keuken.
‘Hans wilde geen contact meer met ze, is dat dan geen verraad?’
‘Dek jij de tafel even.’ Lucas duwt twee borden in mijn handen. ‘Hans is er niet meer lieverd, je moet doen wat jou goed lijkt.’
Hans zijn ogen boven zijn grijze baard. De afgelopen koude winter en het telefoontje van de noodopvang.

OVERWERK

Er ligt een briefje in mijn locker en mijn hart mist een slag. Hoe weet hij mijn code? Ik klem mijn papieren tegen mijn borst en pak het eruit. Het briefje beeft in mijn handen:
Je hebt een lekker kontje in die broek, maar ik zie toch liever je benen onder een wikkeljurkje.

DE ORDE VAN DE BLAUWE TOREN

Het klikken van haar naaldhakken door het restaurant. Onmiskenbaar. In de spiegel achter zijn tafeltje vangt hij haar ogen. Haar wimpers raken haar wangen. Deinende borsten. Zijn mondhoek gaat omhoog.

GERECHTIGHEID

‘Ik heb ‘m gevonden. Die gore klootzak die mijn sisa in de kreukels ramde.’ ‘Ga eerst even zitten.’ ‘Ben je gek geworden, man. Hier.’ Barry duwt zijn telefoon onder de neus van de agent. ‘Jullie moeten hem oppakken. Nu.’ ‘Dat kan niet zomaar. We moeten eerst wat meer weten.’ ‘Jezus, man. Zijn jullie nu wouten. ‘t Is net of ik hier bij die debielen van jeugdzorg ben.’

DE MEERMAN

Pascalle klemt haar handen om haar sjaal en buigt haar hoofd. Tegen de wind in slaat ze het kustpad af richting het dorp. Beneden bij het haventje duwt ze de deur open van de pub. De ijzige wind laat het haardvuur flakkeren en met moeite sluit ze de deur. ‘Lekker hier.’ Ze snuift de rokerige geur op.

Morwen achter de bar lacht. ‘Er zijn betere plekken om te overwinteren.’
‘Niet voor mij.’ Pascalle wikkelt zich uit haar sjaal en ritst haar jas open.

VIER ULTRA KORTE VERHALEN:

Een ultrakortverhaal bestaat uit maximaal 99 woorden. In deze bundel staan er vier van mij:

  • Douchemutsje
  • Het zwarte schaap
  • Honderd jaar geleefd
  • Misvatting

DE HOEDENDOOS

En dan ben alleen ik er nog. Frances vouwt haar handen samen in haar schoot en laat zich meevoeren op de klanken van het Ave Maria van Bach. Adeline, Frances haar drie jaar oudere zus, overleed afgelopen zondag. 94 jaar oud. ‘Lieve oma …’ Een man in een antracietgrijs pak neemt het woord voor in de aula van het crematorium. Zijn schouders zijn kromgebogen en zijn kin wijst naar voren. Hij doet Frances denken aan haar vader. De rimpels in haar voorhoofd worden dieper. Adeline is zijn oma en dan is hun vader dus de overgrootvader van de man die nu zijn herinneringen aan Adeline deelt.

HET LUNCHTROMMELTJE

‘Nee, daar ben ik het niet mee eens.’ Ik kijk naar buiten, de zon lonkt en onze nieuwe collega begint de hele discussie opnieuw. Hij weet nog niet dat het geen zin heeft om tegen voorgenomen besluiten van onze directie in te gaan. Mijn gedachten dwalen alvast weg naar het weekend. Misschien naar het strand. Uitwaaien langs zee, strandtentje voor de lunch, ’s avonds vrijen.

EEN NIEUW LEVEN

Louisa’s mond is een streep. Haar mes en vork krassen over het bord en ze schuift de biefstuk naar de rand. Haar kiezen krijgen het rode vlees niet meer weg gekauwd, maar haar zoons en hun vrouwen zijn dol op de steaks van de lokale Anguskoeien, dus serveerde ze deze vanavond in plaats van een botergaar gesudderde lamsstoofpot. ‘Toe nou moeder.’ Alastair, haar oudste zoon, slikt zijn laatste hap door. “Het onderhoud van het kasteel is onbetaalbaar en het bod van de projectontwikkelaar is ronduit fantastisch.”

HET BALLET VAN DE ELFEN

Ieder jaar komt Nigel naar Orkney voor het Midsummer Artsfestival en ieder jaar vraagt hij of ik mee terugga. Overmorgen is de opening en morgenmiddag komt hij met de ferry aan. Ik kijk naar Julius. Met zijn ellenbogen op tafel schuift hij zijn puree en worstjes naar binnen. Mij smaakt het niet. Ik pak mijn bord op en gooi mijn portie in de vuilnisbak. Vanuit het keukenraam zie ik de vrijwilligers plezier maken bij de archeologische opgraving naast ons huis. De paar jaar dat Julius hier de opgraving zou leiden zijn er nu bijna twintig geworden. En terwijl het oranjegeel van de avondzon de harde stenen een zacht aanzien geeft, neemt onrust bezit van mijn lijf.